|
12-oktober-‘06
Er zijn nog 6 weken te gaan en ik ben in ene
vreselijk druk.
Het monitor en evaluatie systeem, ondertussen in
gedachte al uit gegroeid tot een heus management systeem geeft de nodige
hoofdbrekens en tijdsvulling.
De gedachten en ideeën gaan als een razende door
mijn hoofd, stap voor stap wordt er meer toegevoegd en worden
spreadsheets uitgebreid.
Het is de bedoeling dat het zoals ik het altijd
noem “idiot proof” is. Waar ik niet meer mee bedoel dan dat een ieder
het begrijpt en iedereen er mee kan werken.
Vanaf nu ben ik de meeste ochtenden thuis aan het
werk. Het kantoor en zeker de kamer waar ik in zit, heeft vaak meer weg
van een ontmoetingsplaats, een bruin café, een Haags koffiehuis. Van
echt werken is er eigenlijk nooit spraken geweest in die ruimte. Alle
belangrijke dingen die ik heb gedaan heb ik altijd thuis gedaan.
Ook nu, het aanbrengen van koppelingen en formules
brengt met zich mee dat ik hyper geconcentreerd moet zijn. Een fout nu
moet later 18 tot 100 keer worden hersteld. Dat lijkt mij niet
verstandig daar heb ik eenvoudig gezegd de tijd niet meer voor.

Het management systeem vordert gestaag. Het is
echter op lange na nog niet af als ik met nog 24 dagen te gaan begin aan
mijn reis. Dit keer is het een heel speciale reis.
Het is de door mij gedoopte “Hill Tracts Vaarwel
Toer 2006”
Allereerst staat Bandarban op het programma. We
reizen via Chittagong. Ik ben dan in de gelegenheid om vooraf een ticket
voor de nachtbus naar Dhaka te kopen.
Rond twee uur in de namiddag komen we aan, gaan
naar het hotel, genieten van een eenvoudige lunch en gaan op stap. Het
toeristische gedeelte is voor deze namiddag gepland. Zittend in een
riksja gaan we naar de tempel. In Bandarban is de boedisten tempel. Met
financiële hulp vanuit Myanmar is er enkele jaren geleden een prachtige
tempel gebouwd die ik in december 2004 heb bezocht. Ik ga terug. De
bante (monnik) die daar leeft is niet alleen goed gelovig maar als wij
willen vertrekken komen ook zijn verkoop capaciteiten naar boven. Hij
weet mij twee T-shirts te slijten.
De dreigende bewolking en de al zakkende zon zorgen
voor een prachtig licht, de camera ratelt er op los. Het diner wordt in
de kamer geserveerd en ik ben druk. Tot ver na tienen manipuleer ik mijn
computer, dan gaat het licht uit.

Nog 23 dagen te gaan:
Ik zit om half zes opnieuw achter mijn computer.
Dit gedeelte moet af. Vandaag geef ik training,
management training. Om acht uur is het ook daadwerkelijk af wij gaan
naar ons districtskantoor. Helaas vlak voordat de presentatie begint
valt de stroom uit, dat wordt ondanks de nodige voorbereidingen weer
improviseren.
De training is gericht op het managen van je team.
Ik leg uit dat eigenlijk iedereen een manager is, dat alleen sommige dat
ook op hun kaartje hebben staan. De bewaker kunnen we eigenlijk de
deurmanager noemen, de kok is de voedselmanager.
Wat zijn de taken en wat zijn de
verantwoordelijkheden van een manager? Er volgt een prachtige discussie,
die in het Bangla gaat en waar bij gedeeltes voor mij vertaald worden.
Dan is de elektriciteit terug en wordt het systeem gepresenteerd.
Tijdens het oefenen kom ik tot de conclusie dat er
nog fouten in het nieuwe systeem zitten. Dat wordt overuren maken.
Het is ruim na zessen als ik de dag afsluit
iedereen bedank voor zijn aandacht en vertel dat dit voor mij de laatste
keer Bandarban is. In de avond vloeit de Bandarban black label
rijkelijk.

Nog 22 dagen te gaan:
Ik stap in de lokale bus die mij naar Cox’s Bazar
brengt.
We hebben vrijwilligers meeting. Twee dagen
discussie en gezelligheid in een prachtig hotel vlak aan het strand.
Discriminatie, corruptie en een demonstratie condoom gebruik gegeven
door een 22 jarige Bangladese jonge dame. Het wordt vrolijk gelachen als
de ballonnen worden opgeblazen en worden ingesmeerd met de verschillende
glijmiddelen. Neem shampoo wrijft over de ballon en binnen enkele
minuten knapt hij. Het is een presentatie zoals zij die normaal
gesproken aan verschillende sekswerkers geeft.
In het programma is ook nog ruimte voor
ontspanning.
Een
jeep tocht en voetbal op het strand.
De verkiezingen komen er aan en dat is te merken.
Regelmatig zijn er demonstraties en protest marsen in Bangladesh, zo ook
deze week.
Na de ramadan, de jaarlijkse maan van vasten, wordt
de interim regering aangesteld. De interim regering moet een
onpartijdige zijn en toe zien op eerlijke verkiezingen. Helaas de
oppositie partij is het niet eens met de keuze van deze interim
regering. Het gevolg is al snel te merken. Er worden wegblokkades en
opnieuw een hartal afgekondigd.
Nog iets meer dan 20 dagen te gaan:
Niet zoals gepland alleen, maar met zijn allen
nemen we de nachtbus naar Dhaka. De blokkades en de hartal zorgen ervoor
dat het reisschema wordt omgegooid. Als je de nachtbus niet neemt zit je
twee extra dagen in Cox’s Bazar.
De afdeling Khagrachhari kan niet weg. Zij mogen
door deze extra vrije tijd aan het prachtige strand van Bangladesh
blijven.
In Dhaka ben ik druk met het afronden van de
laatste dingen voor ons veiligheidsplan. Van echt werken komt er weinig.
Alle vrijwilligers zitten in onze ruimte het is een drukte van jewelste,
het is voor zeker gezellig maar niet ideaal als je werk te doen hebt.
Ik heb een gesprek met onze regio programma
manager. Zij gestationeerd in Londen is voor één week in Bangladesh. In
de avond hebben wij een diner met haar, samen met 7 andere vrijwilligers
doen wij ons te goed aan heerlijke Indiase gerechten.
De volgende dag hebben we onze VOICE meeting, ons
reguliere overleg met de landsdirectrice. Tussen door ben ik als een
gestoorde bezig om mijn management systeem voor Khagrachhari af te
maken. Het is uiteindelijk meer werk dan verwacht.

Nog 16 dagen te gaan:
Er wordt gezongen, we eten gebak en in de avond
wordt ik volgens Engels gebruik vol gegooid met drank in de Bagha club.
Hermen en Jason heb ik gebeld, en ongeveer 10 van de vrijwilligers zijn
gekomen om te proosten op mijn gezondheid. Het bier en de wijn vloeien
rijkelijk. Als wij rond elven in de taxi stappen heeft het lijf
voldoende geabsorbeerd om een fantastische nacht te garanderen.

Nog 15 dagen te gaan:
Bij het opstaan voel ik me ook daadwerkelijk ouder,
of zal dat van de drank komen?
Ik neem afscheid van Sarah. Tot over 1 maand in
Kathmandu. Zij terug naar Khulna ik in de lokale bus naar Khagrachhari.
Gelukkig is de training volledig voorbereidt. De
bus hobbelt luid toeterend over het ruwe asfalt. Mijn hoofd rust tegen
de hoofdsteun en regelmatig doezel ik weg. Bij de stopplaats eet ik
stiekem een boterham. Stiekem want vandaag is de ramadan begonnen. Niet
dat wij dan niet mogen eten, echter alle restaurants zijn gesloten. Dus
echt iets eten zit er niet in. In de bus eten dat doe je uit respect
voor de anderen niet.
Om half vier ben ik in het hotel ik ben de eerste.
Leg me te rusten. De telefoon schut mij wakker uit mijn hazenslaap.
Jatan, Apul en Tuku zijn gearriveerd.
We drinken en eten op de kamer. De Rangamati black
label gaat van hand tot hand.
Nog 14 dagen te gaan:
In het districtskantoor wordt ik opnieuw
geconfronteerd met een drastisch te kort aan elektriciteit. Ik ben hier
op voorbereid. Bepaalde gedeeltes van de training zijn groepsdiscussies,
voor andere gedeeltes heb ik daad werkelijk stroom nodig. De discussie
komt langzaam op gang. Jatan onze programma directeur is aanwezig en dat
maakt dat het gevoel bij een ieder om vrij uit te spreken enigszins
wordt gereduceerd. Ondanks de trage start volgt er een levendige
discussie. Helaas de elektriciteit laat het nog altijd afweten.
Als
om één uur iedereen naar buiten loopt voor de lunch, begint de
ventilator te draaien. Terug roep ik, we gaan door. De lunch pauze is
uit gesteld. Jatan moet hierom lachen. Ik leg hem uit ik heb op zijn
minst één uur elektriciteit nodig en als dat nu is dan gaan we nu
verder.
Het systeem ondertussen al beter dan in Bandarban
is bijna optimaal te noemen. Iedereen is er blij mee. Maar ik weet dat
we een drastische wijziging moeten toe voegen, dat wordt nachtwerk.
Nog 13 dagen te gaan:
Vroeg in de ochtend ontmoet ik de chauffeur van
Unicef, hij is in Khagrachhari en gaat om 13.00 uur terug naar
Rangamati. Jammer dat hij niet morgen gaat denk ik nog.
We hebben gepland om vandaag naar Ramgor te gaan.
Ramgor is één van de sub districten in Khagrachhari we gaan op
veldbezoek, waarschijnlijk tot vlak aan Tripura wat in India ligt.
Helaas Jatan laat mij weten dat ik vanwege de vergunning die slechts is
afgegeven voor de stad niet met hun mee kan. Dan ga ik vandaag terug ik
heb een oplossing en spreek ondertussen de chauffeur van Unicef aan. Dat
moeten jullie aan madam vragen. De echte bazen worden altijd zeer
formeel aangesproken.
Jatan
pakt de telefoon No moskar didi, goedendag zus, we hebben een
probleem gaat hij verder….
Als madam een uur later naar beneden komt zien wij
elkaar en zeggen min of meer in koor oh ben jij het. We hadden elkaar al
eerder ontmoet.
Om 13.00 uur vertrekken wij met de luxe vier wiel
aangedreven airco mobiel en hebben alle gelegenheid om te praten. Een
gezellige rit.
Bij het checkpoint aangekomen leg ik nog één maal
uit dat ik al 23 maanden in Rangamati woon. Ik geef ze mijn kaartje en
stap weer in de auto. Vandaag geniet ik van de verbazing op hun gezicht,
vandaag geniet ik van het belachelijke administratieve systeem wat ze er
op na houden en vandaag geniet ik van de gemiddelde hersencapaciteit van
de agenten op het checkpoint. Een postduif kan wellicht meer onthouden.
Ik geniet ervan want ik weet dat die idioterie na vandaag voorbij is.
In Rangamati staat er nog een keer iemand in grijs
blauw met het grote boek. Ik draai het raam open zeg: “dada lagbe na.
Ekhon ami treis mas Rangamati taki. Apni Corporonjon Chakma chinen, Ha
chini is zijn antwoord, Tar bari ek floor amar basha” doei!
( broer dat is niet nodig. Ik woon nu 23 maanden in
Rangamati. Ken je Corporonjon Chakma , ja zegt hij, zijn huis op de
eerste verdieping daar woon ik) doei! Voeg ik er breed lachend aan toe
en de chauffeur ondertussen ook lachend om mijn aanpak rijdt verder.
Ik wordt bij mijn huis afgeleverd, want ook hij
kent Corporonjon. Corporonjon Chakma is de voormalige minister van de
Chittagong Hill Tracts en sinds ik in zijn huis woon gebruik ik zijn
naam om indruk te maken. Dat lukt.
De donderdag is een drukke dag op kantoor, de kamer
is leeg er kan ook daadwerkelijk gewerkt worden. E-mail naar
verschillende personen en als een speer verder met het management
systeem. De tijd vliegt, voor ik het weet is het half zes en ga ik weer
naar huis. In de avond ga ik naar Buddy en we nemen een aantal slokjes
op de goede afloop.

De vrijdag bestaat uit luieren, schrijven, gitaar
spelen en ik zit me te bedenken waar ik het beste kan beginnen met
opruimen. Rosie heeft een half jaar geleden haar spullen ingepakt en is
vertrokken velen dingen zijn achter gebleven. Wat ga ik nog mee nemen
naar Dhaka wat laat ik hier. Verder dan denken komt het niet. Opruimen
betekend ook weg gaan en voorlopig doe ik daar nog niet aan mee ik
geniet van de dag de rust en de omgeving.
In de avond ga ik naar de markt doe mijn inkopen en
ga bij Buddy langs. Hij heeft nieuwe rijstwijn geregeld dus nemen we
maar een slokje.
Bij het derde glas weet ik dat het van koken niet
meer komt vanavond.
Gisteren heb ik in een jolige stemming geroepen
laten we naar de jongere club gaan. We wilden net vertrekken en de
elektriciteit viel uit.
Vandaag zegt Buddy kom we gaan naar de jongere
club. Ik aarzel maar ben gemakkelijk over te halen.
Het is rond tienen als we naar buiten lopen.
Jongere Club here we come. Buddy heeft
regelmatig over de club gesproken maar ik ben er nog nooit geweest. Op
straat aangekomen valt voor de zoveelste keer de elektriciteit uit. Het
is aarde donker. De ramadan is net begonnen wat betekend dat we aan een
nieuwe maan zijn begonnen en die staat op dit tijdstip niet meer aan de
horizon.
De
jongere club blijkt een generator te hebben, die volop staat te snorren
als wij aankomen. Binnen gekomen loop ik de beneden verdieping in hier
zitten de echte jongeren. De ruimte is niet al te groot er staat een
tafeltennis tafel die als bijzet tafel wordt gebruikt. Hij ziet er oud
en versleten uit. Ik vraag me af wanneer hij voor het laatst in zijn
originele functie is gebruikt. In twee groepen hebben de ongeveer 15
jongeren zich gesetteld aan twee hoeken van het pingpong blad. Er zijn
houten en plastic stoelen, er hangt enige decoratie maar verder is de
ruimte kaal. Het is sober ingericht. Eigenlijk is het niet ingericht. Op
kleine tafeltjes staan asbakken en flessen rijstwijn. Bij het binnen
komen wordt ik direct herkend, er worden handen geschut, er wordt een
stoel aangeschoven en ik krijg een glas min of meer in mijn handen
gedrukt. De ogen van de jongere zijn klein maar nog altijd scherp, ze
hebben de grens van de avond nog niet bereikt.

Mijn verkenningstocht brengt mij verder de trap op.
In een U vorm loopt de trap naar boven. De bovenverdieping wordt behalve
door een jonge hond die zielig op het terras buiten ligt, bewoont door
de oudere jongere. Zeker 75% zit met ontbloot bovenlijf. De club is in
twee gedeeltes ingedeeld. De echte jongeren beneden en die gene die zich
nog jong willen voelen, maar waarvan verschillende dat allang niet meer
zijn zitten boven. Er staat een houten bankstel, één voor twee en één
voor drie personen. De blauwe kussens liggen verspreid door de ruimte.
De muren en de licht gif groene deuren worden getekend door schimmel. Er
staat een waterfilter maar ook deze ziet er niet echt fris meer uit.
Onder de waterfilter staat een afwasteiltje. Smerige borden doorbreken
het wateroppervlak en de eens zo heldere rode kleur. Rechts van mij
staat een kleine tafel en een gasstel.
Werkelijk
overal ligt rootzooi, overal staan smerige borden soms in een teil maar
voornamelijk willekeurig verspreid. Op de grond liggen naast de nodige
etensresten ook nog de doppen van apenootjes. De ontblote boven lijven
zijn verspreid door de ruimte. Enkele zitten op stoelen andere hangen
over de kussens. Lege flessen maken het beeld kompleet. Het geheel heeft
wat weg van het laatste feest voordat de gemeente de sloophamer in het
pand zet.
Ook hier word ik herkend en al snel worden er
handen geschut. De gemiddelde bewoner heeft naast een dubbele tong ook
nog een dikke buik van rijstwijn en snacks. Verderop is een deur ik loop
naar binnen. Deze ruimte ziet er meer geordend uit. Zowel links als
rechts staat een ronde eettafel. De stoelen er om heen zijn bezet. Men
is geconcentreerd, voor zover dat nog mogelijk is. Ook hier straalt
drank duidelijk van de gezichten. Er wordt gegokt. Er wordt een variatie
op jokeren gespeeld realiseer ik me na twee rondjes van observatie.
Terug in de hang lig ruimte wordt mij en glas
aangeboden ze vragen wat ik van hun clubhuis vind. Ik denk dat jullie
een schoonmaakster nodig hebben is mijn antwoord terwijl ik het glas hef
en klink met de dronken meute.
Als ik later in mijn bed stap zijn er nog 10 dagen
te gaan:
Opnieuw is er een festival. Boedisten, Hindoes,
Moslims en Christelijke. Ik kan door de bomen het bos niet meer zien. Ik
kan door de verschillende religies de festivals niet meer van elkaar
onderscheiden. Ik heb een afspraak met Mark. Gisteren in zijn klas zijn
wij uitgenodigd. Het is Durga Puja. Het is een Hindoe feest. We gaan
huizen bezoeken. We gaan vol gestopt worden met allerlei lekkere dingen,
en dan doel ik slechts op etenswaren.
Er wordt gevierd dat een vreselijke veroveraar is
overwonnen. De sterke schurk teistert de bevolking. Niemand kan van hem
winnen. Er komt een vrouw naar voren en zegt: “Ik zal hem bevechten.”
Uiteraard is de sterke schurk enigszins ontdaan van dit zeg maar gerust
debiele gebaar van de bevolking. Dat meisje daar heb ik mijn leger niet
voor nodig ik zal haar persoonlijk de oren wassen. De jonge vrouw, het
meisje blijkt tien verschillende goden in zich te huizen. Hij heeft geen
schijn van kans en wordt overwonnen, weet Mark mij bij te spijkeren
voordat we bij het eerste huis aankomen en ons laten vol proppen met
allerlei lekkers.
Na afloop ben ik opnieuw in zijn klas, ik ben
afscheid aan het nemen. Ik ben mijn tijd maximaal aan het benutten, ik
gebruik mijn tijd in de avond uren optimaal om met Buddy en Mark door te
brengen. We hebben de laatste twee jaar veel gedeeld we hebben veel
meegemaakt en daar gaat een einde aan komen.

Vandaag ben ik twee jaar van huis huis.
Bij de vrijwilligers is het gebruikelijk om te
spreken over huis. Dat is de plek waar je woont waar je thuis bent.
Daarnaast hebben wij het over huis huis, dat is het thuisland. Het is
een gekke benaming maar velen gebruiken het.
Bijna elke avond hef ik het glas met Buddy er wordt
geklonken gelachen en de oude verhalen worden nog maar eens uit de kast
getrokken. Ze zijn al minimaal honderd keer verteld. We genieten er
opnieuw van.
Het is dinsdag nacht opnieuw word ik zwetend
wakker. Het is de derde keer deze nacht de eerste twee keer heb ik
gedoucht. Het klamme natte zweet wegspoelend en ondertussen de
lichaamstemperatuur beïnvloed. Het is vier uur in de morgen. Ik ben moe.
De hand ventilator draait gestaag rond. Van links naar rechts gaat hij.
Ik ben moe, ik wacht op stroom. Langzaam trekt de duisternis weg. Hij
maakt plaats voor de dageraad. Oranje kleurt de hemel, de handventilator
draait rustig door. Ik ben moe, ik wacht op stroom, het is heet het is
erg heet. Als om half zes de plafondventilatoren beginnen te draaien en
de hemel open breekt in een vreselijke stortbui zet ik water op voor
koffie. Het is te laat om terug te gaan naar bed. De laatste week is het
bar en boos in Bangladesh. Om elektriciteit te sparen wordt regelmatig
de stroom uitgeschakeld. Overdag is het niks maar in de nacht is het
vreselijk. De minister van stoom is opgestapt. Het is er niet beter op
geworden.

Er zijn nog 6 dagen te gaan:
Vandaag is mijn laatste trainingsdag. Dit keer in
het districtskantoor van Rangamati. Het systeem is verder gevorderd maar
nog niet af.
De elektra is ons goed gezind. We discussiëren. Wat
is dat eigenlijk coachen en wat is je rol in het veld als je met één van
je medewerkers mee gaat. Wat is de rol van je eventuele directe manager
als deze ook mee is. Het antwoord is voor mij duidelijk: géén! Niet meer
dan observeren. In het dorp hebben we slechts één manager. Hij of zij
organiseert en leidt het groepsgesprek. Alle andere zijn slechts
toehoorders. Tijdens mijn trainingen heb ik ervoor gezorgd dat alle in
hiërarchie hogere ook minimaal één maal aanwezig zijn geweest. Er volgt
voor een ieder een soort van Aha erlebnig.
In Bangladesh, worden dingen gedaan omdat je baas
zegt jij gaat dat doen. Het gebeurt overal in elke organisatie. Nu is er
met een order opvolgen niet veel mis. Echter de algemene tendens is dat
mensen baas willen worden omdat zij dan eindelijk is kunnen zeggen wat
er wordt gedaan. Ik heb regelmatig gezien dat de ene baas zegt vandaag
gaan we dit doen, helaas een hogere baas bepaald iets anders en dan
wordt automatisch dat bevel opgevoerd.
Van coachen hebben ze in Bangladesh nog weinig kaas
gegeten.
In mijn training gebruik ik het voorbeeld van de
voetbalcoach. Ze zijn hier gek op voetbal dus dat werkt. Ik leg uit een
speler geeft een prachtige voorzet, de coach springt van de bank rent
het veld in en kopt de bal in de goal.
Nee dat kan niet want de coach mag niet in het veld
wordt er gezegd.
Precies is mijn antwoord de coach is nooit in het
veld. Hij stuurt zijn team vooraf tijdens de rust en achteraf.
Dat geldt voor elke coach voeg ik er aan toe. Dus
jij als coach bemoeit zich niet met de promotie, met de vergadering.
Slechts vooraf en achteraf en als er een rust is dan is het eventueel
mogelijk. Ze kijken me aan, ik zie dat ze realiseren dat het zo in het
echt niet gaat, ik zie ook in de ogen dat ze het wel een erg goed idee
vinden. Ze gaan het voor zeker proberen.

In de avond heb ik drinks en diner bij één van mijn
collega’s thuis. Buddy is ook uitgenodigd, het eten zonder één enkele
chili is heerlijk. De avond is erg gezellig de Rangamati Black Label erg
goed en de snakes fantastisch.
Er zijn nog 5 dagen te gaan:
Vandaag is het een vrije dag ik ga naar kantoor
want het systeem moet af. Helaas het lijkt wel alsof een ieder doof is
alsof men zijn familie niet leuk vindt. De boven verdieping is
afgeladen. Hebben jullie geen familie nog vraag ik nog, we hebben een
extra vrije dag waarom ben je niet thuis. Er wordt schuchter gelachen en
men gaat veder met werken en kletsen. Het is heel gebruikelijk dat op
vrije dagen de werknemers ook naar kantoor komen alsof ze niks anders
hebben te doen, alsof men zich zonder werk niet kan vermaken.
Om 1 uur lopen we het huis van een andere collegae
binnen. Opnieuw is Buddy ook uitgenodigd. We gaan voor lunch. We drinken
wat we kletsen wat en we eten wat. Als eindelijk om vijf uur de lunch
wordt geserveerd bedenken we dat het ietwat laat is voor lunch, dopen
het om tot lunner en genieten van het eten.
Na afloop gaan we naar Mark. Beïnvloeden zijn klas
drinken na afloop nog wat en spreken af voor zondag avond.

Er volgen twee hectische dagen op kantoor. De
stroom laat het met regelmaat afweten, het lijkt wel alsof men wil dat
het systeem niet afkomt.
Vanochtend weet ik ook dat het niet gaat lukken. De
meeste tijd wordt gebruikt om Apul te instrueren hoe alles werkt. Ik heb
twee dagen de tijd om hem de kneepjes van het systeem uit te leggen.
Ik zit naast hem en langzaam maar gestaag maken wij
de nodige vorderingen.
Nog 2 dagen te gaan:
Het is zondag. Het is een officiële werkdag. Het is
6.15 uur als ik buiten sta. Buddy staat al op me te wachten. Vandaag
doen we voor het laatste loopje over de Rangapani weg. Ik geniet intens
van de laatste keer. Ik geniet van alle natuur waar ik al die maanden
van heb genoten. Ik kijk naar links en we hebben het over de dichte
bomen rijen die hier vlakbij het ongerepte van de Hill Tracts aangeven.
We nuttigen ontbijt op de vertrouwde stek. We worden na gewezen door
mensen die in de lokale taal over ons praten. Nee hoor ik iemand zeggen
dat zijn geen vreemdelingen. Die ene is Monaghur de andere is Green Hill.
Die wonen hier. Zij weten niet dat dit het laatste rondje is. Ik vraag
Buddy ben je daar wel eens geweest en ik wijs naar een dorp. Nog niet
zegt hij. Zeg maar gerust niet zeg ik je hebt nog slechts twee weken.
Bij mijn volgende vraag zegt hij opnieuw nog niet. Het is duidelijk hij
is nog niet voor 100% aan het weggaan. Opnieuw bezoeken we “Children’s
Home” Er wordt een computer educatie centrum gebouwd. Buddy heeft een
sponsor gevonden en er wordt hard gewerkt. Met Bante drinken we koffie,
lopen vervolgens terug en gaan met de boot over naar Zuid Kalindipur. De
baby taxi brengt ons terug.
Mijn
huis is een rotzooi ik moet inpakken maar er is nog weinig gebeurd.
Dan naar kantoor, de laatste gedeeltes worden
afgewerkt. Morgen is mijn programma manager, Mathab van VSO aanwezig we
hebben evaluatie.
In de avond gaan we naar de Roof restaurant. Mark
komt laat binnen rennen en zegt oh sorry….we wisten het al, het zou voor
zeker gaan gebeuren, Mark zou te laat komen hadden Buddy en ik al
bedacht. We lachen we drinken we eten.
Zie ik je nog vraagt Mark? Ja ik heb nog twee DVD’s
zeg ik. Ik kom morgen naar je huis, rond lunch tijd.
Het is de laatste dag:
Er is geen elektra we beginnen in het thee huis.
Mathab komt binnen en onze workshop begint. Mijn
evaluatie en de plannen voor de toekomst voor Green Hill en VSO als
partners. Ondanks dat de objectieven niet zijn behaald is een ieder erg
tevreden.
Tuli onze programma manager kantoor nodigt mij uit
voor de lunch. Ik dank haar voor alle support die ze mij gegeven heeft
gedurende twee jaar. Ik had niet altijd een oplossing zegt ze, dat weet
ik maar je hebt met heel veel dingen geholpen en daar ben ik erg blij
mee.
Ik ga naar Mark hij verrast me met twee dingen een
prachtig lokaal geproduceerd shirt en een mobile telefoon. Deze heb ik
over als je Bangladesh verlaat in juli 2007 dan stuur je hem terug per
koerier. Ik kan je bereiken en jij kunt mij in dat halve jaar bellen.
Fantastisch ik had in ieder geval gepland om een mobiel aan te schaffen,
prachtig.
In de middag is het afscheid gepland. We beginnen
om 16.00 uur. Zoals gebruikelijk beginnen we een uur later en ik ben
eigenlijk blij dat de traditie op deze dag in stand wordt gehouden.
Ik krijg heel veel mooie woorden van een ieder en
een cadeau. Een prachtig shirt en een bedsprei in Chakma design.
Moung nodigt Mathab Jatan en mij uit voor nog enige
drinks. Het bier schuimt volop in de bar van het Prajatan Motel.
21.30 ben ik thuis. Mark is gekomen voor nog een
laatste afzakkertje.
Om 23.15 schuif ik enigszins in de wolken mijn bed
in.
Het is mooi geweest, het is erg mooi geweest.

Nog 0 dagen te gaan:
Om 4.30 gaat mijn wekker. Nu is de tijd om in te
pakken.
Als een gestoorde ren ik door mijn huis. De dozen
zijn min of meer voorbereid, maar dat is dan ook alles. Het lijkt wel of
een heel weeshuis wordt leeg gehaald.
Buddy is er om 6.15 hij lacht en maakt koffie.
Spullen van Rosie en van de vorige vrijwilliger zijn er nog. Vandaag
gaat alles mee terug naar Dhaka.
7 uur Mathab en Delaware, de chauffeur komen binnen
en schikken. Ik heb het je verteld zeg ik het is veel en het past niet
in de wagen. De fiets en een stoel blijven voor het moment achter. Zij
komen over twee weken als Buddy wordt opgehaald.
8.10 ik zeg gedag bij Corparonjon, er wordt
gezwaaid de buren worden gedag gezegd, ik kom nog terug. Ergens in 2007
kom ik voor bezoek.
8.45 we lopen het kantoor van Green Hill binnen.
Tuli weet me te vertellen dat ze me al miste we drinken koffie ik geef
de sleutel af en we gaan onderweg.
9.05 Nog altijd in Rangamati draaien we om, ik heb
mijn rugzakje laten staan.
9.15 opnieuw rijden we weg.
10.00 we passeren het checkpoint en ik glimlach
vriendelijk, doei mazzel gaat het door mijn hoofd.
Het transparante landschap raast aan mij voorbij,
het oh zo bekende landschap raast aan mij voorbij.
Dhaka is druk erg druk het achterlicht van de auto
wordt stuk gereden door een riksja. Delaware leert mij schreeuwend op
straat nieuwe Bangla woorden. Ik kijk naar Mathab. Wordt dit betaald? Ik
denk van niet kom we gaan zeggen we. Delaware krijgt een hoofd knik van
me en we stappen in.
17.00 gaat de poort open we rijden naar binnen.
Voor twee nachten slaap ik bij Hermen in Gulshan.
Het eerste avontuur is voorbij.
Het tweede begint binnen kort.
Zondag de 15e vertrek ik met de nachtbus
naar India.
Over land naar Nepal en Kathmandu. Dan naar Tibet.
14 november terug naar Dhaka, mijn visa voor
Bangladesh is inmiddels verlengd.
30 november vlieg ik naar Nederland.
5 januari naar Londen en 7 januari naar Dhaka.
Ik zie jullie zeer binnenkort.
|