|
6-july-‘06
Het lijf is stram, de benen stijf. Als ik de beenspieren lichtelijk
probeer te rekken protesteert de rug. Het eens zo getrainde lijf heeft
de laatste maanden weinig tot geen beweging gekend. Het is niks meer
gewend. De schouders enigszins gevoelig, alles laat zich horen op deze
vroege ochtend. Alles? Nee; de voeten nog altijd in de sandalen gestoken
doen het erg goed. Al 20 maanden loop ik er op. Deze in Batavia stad
aangeschafte, wellicht een aanbieding, ze zijn het ooit uitgegeven geld
meer dan waard geweest. Geweest……ik hoop dat ze het tot het eind vol
houden…. daarna, daarna mogen ze met pensioen.
Ketchepary lake is voor zowel Hindoes als Boeddhisten een heilig meer.
Op zo’n 1800 meter hoogte gelegen heeft het iets mytisch. Het verhaal
gaat dat er nooit een blad van de velen bomen in de omgeving in het meer
drijft. De weg die ik bewandel ligt bezaaid met afgevallen bladeren. Hoe
is dat mogelijk? Het schijnt dat vogels de bladeren op pikken. De vogels
houden het meer schoon. Ik staar naar de immense leegte, de open plek
tussen de bomen. Ik staar naar het meer dat veel groter dan verwacht is.
Ik staar en realiseer dat ik op zoek ben naar drijvende bladeren. De
schoenen gaan uit. Het laatste gedeelte over de natte groene glibberige
planken van de steiger, die is aangelegd om tot aan de rand van deze
heiligheid te komen. De rechterhand schuift regelmatig langs en op de
gebedstrommels, een licht draaiend geluid veroorzakend. Ik staar voor
mij uit, de 40 meter vlonder in een respectvol tempo nemend. Het is
stil, rustgevend stil. Ik staar voor mij uit het azuur blauwe van de
hemel, de witte intensheid van de wolken worden gespiegeld in het meer.
Rechts van mij daar waar drassige grond en water in elkander overgaan is
een kleine offerande plaats. Ik ben niet de eerste bezoeker, de wierrook
nauwelijks onderbroken door wind gaat vrijwel recht de hemel in. De
hemel in, het heeft iets mysterieus het heeft iets religieus, de
wierrook gaat recht de hemel in. Ik staar over het water, je voelt van
alles maar waar ik ook kijk ik kan geen boomblad op de immense spiegel
ontdekken.
Langs de zijde van het meer staat het vol met vlaggetjes.

Boedistische vlaggetjes, gebeds vlaggetjes.
Deze in wit, blauw, rood, groen en geel uitgedoste gebeds vlaggetjes
geven een bonte kleuring aan het natuurlijke landschap.
Wit staat voor water, een opmerkelijke keuze. Als je echter de velen
watervallen die Sikkim huist aanschouwt is de keuze vrij logisch.
Blauw staat voor lucht, rood voor vuur en groen voor aarde.
Water & vuur, lucht & aarde de 4 elementen die in het boeddhistisch
geloof een prominente plaats innemen. Geel tenslotte staat voor de
omgeving, het milieu.
De jonge monniken zijn in opperste concentratie, wanneer ik vriendelijk
verzoek of ik binnen mag komen en enkele foto’s wil schieten. Dat is
uiteraard geen enkel probleem.
Als volmaakte hollywood sterren proberen zij zich prominent in het
gezichtsveld van mijn camera te plaatsen.

Slechts een enkeling gaat door met het ochtendgebed en de daarbij
behorende regelmatig duik naar de grond. Het grote gebedswiel wordt op
mijn verzoek rond gedraaid. De bel wordt geluid en het geprevel van de
gebeden neemt een prominente plaats in in de kleine ruimte.
Zouden ze hier ook slapen, zijn ze hier alleen voor het gebed? Jongens
worden veelal op zeer vroege leeftijd naar een klooster gebracht. Ouders
die zelf weinig hebben, die moeite hebben om rond te komen, laten de
opvoeding vaak over aan de monniken. De ouders zijn er van verzekerd dat
hun zoon goed terecht is gekomen. Hij krijgt te eten, een opleiding en
de waarde en de normen van de samenleving worden op een perfecte manier
overgebracht op de nieuwe generatie.
In het boeddhistisch geloof is het gebruikelijk dat je eens in je leven
een monnik bent geweest. Zoals wij wel eens zeggen je moet in je leven
een boek hebben geschreven, zelfs al wordt het nooit uit gegeven, zo
moeten zij monnik zijn geweest. De kloosters zijn hier op ingesteld ze
hebben regelmatig gasten die ongeveer één week blijven. Je wordt
ingewijd, het haar gaat er af en je leeft een monniken leven voor de
tijd die je hebt gereserveerd. Één van de collegae uit mijn team heeft
dit enkele weken geleden gedaan. Ik miste hem op de culturele avond na
afloop van een volledige week training. Zondag morgen kwam hij binnen
met een baseball cap op zijn hoofd. "Apru waarom heb je een cap op",
vroeg ik hem. Terwijl hij zijn cap afzet en ik naar de zwarte spikkels
kijk die weer door de nog altijd glimmende hoofdhuid naar boven komen,
zegt hij:”Oh boss, ik ben voor 3 dagen Bante geweest” Bante is de
gebruikelijke aanspreek titel van een monnik in de Hill Tracts. Alle
monniken worden Bante genoemd. De monniken noemen de andere monniken,
mits deze hoger in de hiërarchie zijn, ook Bante.
Eens in je leven moet je Bante zijn geweest, je moet geproefd hebben aan
het monniken leven.
Opnieuw wordt het gewicht herverdeelt, de zakken worden weer omgehangen.
Er staat ons een nieuwe maar ten opzichte van gisteren kortere dag te
wachten.
Het pad van de korte route is te stijl, door aanhoudende regen te
glibberig, de rugzakken zijn te zwaar, de bloedzuigers in deze tijd te
gulzig en de dijbenen te zwak. Kortom we laten het links liggen. Eerst
naar de school in Ketchepary “stad”

Dit uit slechts één weg, zeg maar een keienpad, bestaande dorp telt niet
meer dan 20 a 30 huizen. Het is het grootste dorp in de nabije omgeving
en het heeft een school waar alle kinderen naar toe gaan.
In Sikkim wordt er veel voor gedaan voor de inwoners basale rechten van
de mens worden getracht zo goed mogelijk te vervullen. Er wordt ook op
een aparte manier gecommuniceerd. Het lokale bestuur probeert zo
transparant mogelijk te zijn, communicatie is een belangrijk hulpmiddel
in deze.
In de gemeenteraad in Alkemade hebben wij regelmatig gesproken over
communicatie. Hoe kan je een openlijk beleid voeren, hoe kan je de
burgers het beste bij het beslissingsproces betrekken en hoe kan je
laten zien waar je mee bezig bent! Hier in Sikkim hebben ze een mooi
systeem, Susan je zou het wat vinden!
Als er een school, een weg, brug of iets dergelijks wordt gemaakt c.q.
gerenoveerd dan staat er een groot bord langs de kant. Hier staat
vermeld wat er wordt gedaan, waarom het wordt gedaan, wie het uitvoert,
wanneer het klaar is, wat de totale kosten zijn, waarom de beslissing is
genomen en uit welke financieringsbron het totaal wordt bekostigt.
Tussen de huizen door gaat het pad richting Yuksom en de watervallen.
Het is niet zo stijl af en toe wel nat maar voornamelijk adem benemend
mooi. Wij worden geëscorteerd door een schooljongen op weg naar zijn
huis. Hij vindt het wel wat. Zijn dagelijkse loopje kent vandaag een
bijzondere wending. Daar waar veel water staat geeft hij Sarah een hand
en wijst aan waar ze haar voeten neer moet zetten. Als we uiteindelijk
zijn huis bereiken, komen er al snel een twintigtal kinderen naar buiten
stuiven om de twee vreemdelingen met verbazing en open mond aan te
gapen.

Het pad en wij gaan verder. Gestaag worden de hoogte meters ingeleverd.
Als een lange trap, als een dalend, rotsig, zanderig en natspoor worden
de hoogte meters gestaag ingeleverd. De reguliere weg welke overigens
niet meer is dan een verbreding van het zojuist beschrevenen brengt ons
richting de watervallen.

Thee drinken, genieten, bekende ontmoeten en dan verder nog slechts 10
kilometer te gaan.
De reguliere weg gaat over van verhard, in rotsen, in zand nog maar weer
eens rotsen, opnieuw zand er lijkt geen einde aan te komen. Ons tempo
niet alleen door de steilte van de weg bepaald maar zeker ook door de
uren die gestaag voort jagen, gaat zienderogen achteruit. Of zijn het de
kilometer palen die een steeds langere kilometer aangeven? 3,5 km per
uur wordt snel 3 km per uur en op het eind zelfs niet meer dan 2 km per
uur. Terwijl de dag voortgaat en de zon alweer zijn dalende curve heeft
ingezet gaat ook bij Sarah de kaars uit. Niet dat ik nog zo fit ben het
gewicht torst met elke stap aan mijn schouders, de rugzak lijkt per
kilometer zwaarder te worden. De sandalen doen nog altijd hun werk.
Zelfs op de rotsige ondergrond geven zij afdoende bescherming behendig
alle plassen ontwijkend zijn zij nog altijd in top conditie.
De eerste huizen komen in zicht ik koop water het kan niet ver meer zijn
zeg ik inmiddels de waterfles terug krijgend. Zonder reactie gaat ze
door alsof het trage ritme de controle over het lijf heeft over genomen
wordt de volgende stap bewust of onbewust gemaakt.
Waar zijn de hotels vraag ik een voorbijganger, niet verder dan 5
minuten is het gerust stellende antwoord. Nu weet ik uit ervaring dat 5
minuten net zo goed 10 of zelfs 15 kan zijn, maar na de bocht verschijnt
er dan toch het bevrijdende bord Hotel Dragon, er wordt nauwelijks
onderhandelt over de prijs. Vraag 1: “Heeft u warm water?” wordt
bevestigend beantwoord. Vraag 2: “Heeft u koud bier?”, ook. Beter gaan
we het waarschijnlijk niet krijgen, aan alle basis behoefte wordt
voldaan. Als we op de patio het ploppende geluid horen van de lokaal
gebrouwen godendrank, de glazen worden volgeschonken en de regen weer
neer klettert weten we dat we juist op tijd zijn. Het is bijna vijf uur
het was een lange dag.
……Wordt vervolgd!
|