|
5-januari-‘06
Een
diep dierlijk grommend geluid komt mij ter oren. Ik kijk vertwijfeld om mij
heen. Van welke kant zal hij komen vraag ik me af. Met één oog gericht op de
twee gidsen die het geweer nog altijd nonchalant over de schouder dragen.
Waarom zijn zij niet in opperste paraatheid?
Hebben zij het geluid dan niet gehoord?
Van
welke kant zal hij komen denk ik opnieuw?
Heb
ik het mij verbeeld of hoor ik daadwerkelijk grommen van meerdere zijden?
Dat
zal wel niet tijgers zijn individualisten, zij jagen alleen, nooit in
groepen.
Het
geluid komt nu duidelijk min of meer van voren.
Het
gebulder wordt duidelijker.
Mijn
nek verkrampt. Ik zak weg.
In
een laatste, uiterste kracht inspanning weet ik mij op te richten.
Het
fatale moment voluit aanschouwend word ik wakker door het hevig schudden van
de bus die de veerboot op rijdt.
De
man in de stoel voor mij zit te snurken op een manier die meer weg heeft van
dierlijk grommen dan vredig slapen.
Het
is 31 december 03.00 uur of omtrent. Ik ben onderweg naar Chittagong.
2-weken
eerder:
Zittend in de resource room van VSO, e-mail en krant lezend vliegen de uren
voorbij. Orla Sarah en Niccola vragen of ik zin heb om mee te gaan naar de
Sundarbans, kerst 2005 op een boot. Ik nog altijd in opperste twijfel over
wat te doen gedurende kerst word min of meer enthousiast. Een afwachtende
houding aannemen, kan ook zijn voordelen hebben oplossingen en ideeën komen
vaak vanzelf.
Nog
altijd een slag om de arm bewarend begin ik al te dromen over de Koninklijke
Bengaalse Tijger. Hoe zal hij er uitzien? Hij leeft nog wel in de Sundarbans
maar gaan wij hem ook zien?
De
volgende dag geef ik een volmondig ja.
Dit
jaar is het VSO kerstfeest in een restaurant. Cheers doet zijn naam eer aan,
mede dankzij een aanzienlijk hoger budget dan het afgelopen jaar, heeft het
organisatiecomité een goede keuze gemaakt. 30% is besteed aan wijn en bier
en er kan dus geklonken worden op kerst. Er wordt gedanst en gekletst en het
heimwee gevoel viert hoogtij.
Voor
velen volunteers is de kerstperiode de moeilijkste tijd om door te komen.
Het thuisfront wordt gemist. Ondanks alle pakketten die worden verstuurd,
waarvan sommige pas in april aankomen en wat overigens ook koddig is als je
de kerstversiering rond die tijd in je huis hangt, kerst is voor velen thuis
en dat wordt gemist.
Ik
heb Christmas carols voorbereid, boekjes gemaakt en er wordt dan ook vrolijk
gezongen. De topper is toch wel stille nacht die in het Nederlands, Engels,
Swahili, Takalo, Noors, Bengaals en een speciale Yorkshire versie ten gehore
wordt gebracht.
De
avond eindigt met een after party in de inductieflat. Met zo’n 12-15
volunteers wordt er na geborreld, gezongen (niet altijd even zuiver) maar
vooral gelachen. Om 2 uur gaan we weg en dan is bij de meeste van ons ook
reeds het licht uit.
De
ochtend bus naar Khulna, wachten op de ferry, hangen in de bus, het laatste
gedeelte per riksja en uiteindelijk zo’n 10 uur later aankomst bij Sarah
thuis.
De
echte verslaafde heeft nu nog de mogelijkheid voor een emmer met warm water,
daarna is er alleen nog maar plaats voor echte
diehards.
Gedurende 4 dagen wordt onze omgeving bepaald door water en die is in deze
tijd van het jaar aanzienlijk afgekoeld.
2
uur later zitten we op de boot, diner wordt geserveerd en er wordt uitgepakt
en aangekleed. De boot wordt aangekleed! De in de kerstpakketten
meegestuurde slingers, engelen en andere kerstachtige attributen worden aan
de boot gehangen, geplakt of gespijkerd. Het ziet er al met al feestelijk
uit.
De
boot eigenlijk te klein voor 8 personen heeft bij elke individuele beweging
iets aparts. Niet dat hij direct overhelt, niet dat je bang hoeft te zijn om
te slaan, echter een verplaatsing van de één heeft als direct gevolg dat
alle andere ook moeten gaan bewegen. De ruimte is zo klein dat als je naar
beneden loopt andere hun cabine in moeten gaan of eerst naar boven moeten
komen. Er zijn 5 cabines dus er wordt volop gedeeld, er is géén plaats om je
kleren neer te leggen alles blijft gewoon in de rugzak die onder het bed
wordt geschoven.
Het
is een oude reddingsboot, die wellicht op de schipbreking van Chittagong
voor een vriendschappelijke prijs is gekocht.

Vervolgens heeft men er een dek op gefabriceerd en provisorisch een dak op
getimmerd. De cabines hebben allen een ontsnappingsluik, het geheel is
zeewaardig en met onze kerstversiering zeker koddig te noemen.
Ons
huis voor de komende 4 dagen!
Als
de mist nog over het water trekt worden de trossen gelost. 4-5 uur varen
naar Mongla de laatste stop in de bewoonde wereld en dan beginnen de
Sundarbans.
De
Sundarbans zijn de meest uitgestrekte mangrovebossen ter wereld. 2/3 in het
zuidwesten van Bangladesh en ongeveer 1/3 in India.
Niet
slechts gekenmerkt door de Koninklijke Bengaalse Tijger die nog regelmatig
zijn voetafdruk achter laat, maar voornamelijk door het getijde wat in en
uit trekt geeft het karakteristieke aan mangrove bossen. Hele gedeeltes
lopen bij vloed onder water om vervolgens tijdens eb weer mogelijkheden te
geven voor allerlei kleine dieren zoals krabben, slangen en reptielen die
zich aangenaam vermaken in het brakke water.
Vogels, apen, kameleons, herten, buizerds, de visarend, kraanvogels, de
ijsvogel en niet in de laatste plaats de tijger zijn de bewoners van deze
eeuwenoude natuur. Mensen leven er niet, ze komen hoogstens voor 2 weken om
het gras te maaien wat gebruikt wordt als dakbedekking, om te vissen en
helaas ook om illegaal hout te kappen.
De
Sundarbans, een nationaal natuurgebied kent afdoende problemen om met
uitsterven te worden bedreigd.
Er
is géén duidelijk beleid voor het instant houden van het natuurgebied, zoals
er voor overigens velen zaken in Bangladesh géén afdoende beleid is. De
Sundarbans kan hier op termijn wel eens de dupe van worden.
Ondertussen starend over het water geniet ik van wat de rivier te bieden
heeft. In de verte doemt het laatste stukje “beschaving” op.

De
cementfabriek even buiten Mongla gelegen alwaar een drukte van belang heerst
staat net buiten het natuurgebied. De boot gaat ongestoord verder. 15
minuten verder worden de laatste formaliteiten geregeld, die meer dan 1 uur
duren, voordat we het natuurgebied ingaan. De laatste post der beschaving,
de laatste verslavingen worden ingeslagen. Wij trekken veel bekijks bij de
plaatselijke bevolking,
vooral Orla die bijna vloeiend Bangla spreekt is het middelpunt der
belangstelling. De kinderen altijd in voor enige verandering zijn voor
mij het doelwit.

Als
in het gedrang uiteindelijk de kleinste in huilen uitbarst krijg ik al snel
het verwijt dat ik ze stiekem loop te knijpen.
De
trossen gaan weer los, Sundarbans here we come!
……Wordt vervolgd.
|