|
29-januari-‘06
Door de pijnlijk irriterende blaar, ben ik in ieder geval enigszins wijzer
geworden. Na de 35ste keer het Internet gecheckt te hebben neem
ik een taxi. De vlucht vanochtend nog vertraagd tot 19.30 uur landt om 19.13
op Dhaka airport. Niet dat de door de piloot goed gemaakte tijd enige
invloed heeft op het bij British Airways ongetwijfeld ontstane logistieke
probleem, de gemoedstoestand van de ondertussen in grote getallen terug
gekeerde wachtende en de stemming van de passagiers. En mijn blaar? Ook die
is daarmee niet verdwenen!
Nadat alle officiële handelingen zijn verricht, waarbij nog enige discussie
over de huisvestingsplaats had plaats gevonden en de koffers van de
draaiende band zijn gegrist komen ze naar buiten.
Moeders veranderen nooit, doch Niels was naar mijn idee kleiner dan ik had
gedacht, dat gaat straks nog problemen geven: denk ik! De laatste weken
vertel ik iedereen dat ik volgens hen wellicht wel lang ben maar ondertussen
onder het gemiddelde der Nederlandse mannen uitkom. Als straks mijn neefje
komt dan zal je het wel zien, dat was een misser, bedenk ik mij terwijl er
uitbundig gezoend en geknuffeld wordt.
De eerste stop is Lalmatia! De taxi die ik voor de avond gecharterd heb,
komt al uit de parkeergarage rijden. Cholen (laten we gaan) roep ik en de
chauffeur stort zich in het nog immer voortrazende verkeer. Op weg naar de
inductieflat, welke onze verblijfplaats is voor de komende 2 dagen, kijken
Moeders & Niels hun ogen uit. Wat een drukte hoor ik ze zeggen, de taxi
rijdt gewoon door wat erg ongewoon is op deze tijd van de dag, eigenlijk is
het helemaal niet druk. Wat voor mij na 15 maanden gewoon is geworden, geeft
de nodige oh’s en ah’s. Het is nog altijd Eid weekend en de straten van
Dhaka zijn relatief erg rustig. Dan komt het hele verhaal naar voren. Door
een overmatige mist was de vlucht gedwongen te landen op Delhi, aldaar
hebben ze eerst en vooral 3 uur in het vliegtuig mogen vertoeven alvorens er
een luxueuze kamer in een plaatselijk 5 sterren hotel werd aangeboden. Na
een korte nacht of dag! Het is maar hoe het door yet lack geteisterde lijf
het ervaart, werd de reis vervolgd richting Dhaka.
In de inductieflat, is er alle tijd om te kletsen en ik geniet op de,
speciaal voor mij georganiseerde, pakjesavond. Het leek wel als of ik jarig
was! De door pa speciaal geselecteerde wijn was niet alleen fruitig met een
volle afdronk maar slobberde ook nog eens lekker weg.
De eerste dag Dhaka had een hoog toeristisch karakter alle plaatsen waar wij
als volunteers komen werden bezocht. Het VSO kantoor en uiteraard New Market!

Ook New Market de plek waar alles te koop is. Struinend door de smalle
padjes, hé bondu(vriend), asun(kom), bosen(ga zitten) zijn de gebruikelijke
kreten waar je mee wordt verwelkomd. Een belevenis op zich.
Voor de avond was de keuze tussen een laatste normaal avondmaal en het in
volle teugen genieten van de Bengaalse keuken, snel gemaakt.
De BAGHA club in Gulshan straalt een vriendelijk rustige atmosfeer uit. Het
bier is goed, de wijn smaakt prima en de door ons verorberde steaks waren
van een gelijkwaardig culinair gehalte.
Vroeg in de ochtend vertrekken we richting Chittagong. De 6 uur durende
bustrip, waarbij het transparante Bengaalse landschap gestaag aan ons voor
bij trekt, gaat zeer voorspoedig. Ruim op tijd bereiken wij de Saudia
buscounter, Helaas voor de volgende en tevens laatste bus zijn slechts 2
plaatsen beschikbaar. Het besluit is dan snel genomen. Terwijl ik een taxi
probeer te regelen laat ik Moeders en Niels achter onder het toeziende oog
van de velen bedelaars die Chittagong kent. Deze 20 minuten kunnen, door het
opdringerige karakter van de bedelaars die verse bideshi slachtoffers met
immer dezelfde marketing strategie weten te benaderen, bestempeld worden als
de minst aangename van de gehele 2 weken. Onder het motto de volhouder wint,
weten zij hun sponsoren en toekomstige donoren een onaangename tijd te
gunnen.
Als de taxi komt voorrijden wordt er opgelucht weer adem gehaald.
De bedelaars die altijd in groten getale op ACE avenue aanwezig zijn en
inmiddels voor mij bekende zijn geworden, zijn ook echt vreselijk. Niet eens
het feit dat ze zo opdringerig zijn! Sommige zijn dusdanig mismaakt, dat het
je een onaangenaam gevoel in de onderbuik geeft. Je wilt ze niet afblaffen.
Je wilt niet schreeuwen rot op. Je kunt het eenvoudig niet. Het geeft je een
vreselijk gevoel en je dankt God op je blote knieën, dat jij het beter hebt
getroffen in deze wereld.
De taxi chauffeur die ik imponeer met mijn kennis op gedaan uit het boekje:
“How to bluf yourself into Bangla” is voor 100% overtuigd dat ik vloeiend
Bangla spreek, wat op zich weer een gunstig effect heeft op de
prijsonderhandelingen, voor deze rit.
Hello Mr Bekkum is het warme welkom bij het eerste checkpoint, de reis gaat
voorspoedig!
Voor het donker wordt de bestemming Rangamati, Tabalchuri, mijn huis
bereikt. Het is maandagavond en na een nog altijd vermoeiende reis wordt er
genoten van de rust die Rangamati te bieden heeft.
In totaal 2 weken de tijd om de omgeving en Bangladesh te verkennen, bij
gepraat te worden over familie perikelen, de laatste Hollandse roddels en om
mijn taalgebruik enigszins bij te schaven. Het schijnt dat ik meer en meer
Engelse woorden gebruik in mijn verslagen welke volgens het thuisfront niet
noodzakelijk zijn. Mijn vader heeft ter stimulatie 2 stripboeken van Haagse
Harry mee gegeven……weet niet zeker of dat echt bevorderlijk voor mijn taal
gebruik is, maar gaaf is het zeker wel. Daarnaast wordt je woordenschat om
de kankerzooi in Bangladesh te beschrijven wel aanzienlijk vergroot.
Ontmoeting met Bante.

Buddy
die in het monniken klooster werkt heeft ervoor gezorgd dat wij op de thee
gaan bij Bante. Borro Bante om precies te zijn. Uit respect en als formele
aanspreek titel, worden de monniken Bante genoemd. Als je als monnik een
collega monnik tegenkomt die hoger in de hiërarchie staat, dan spreek je hem
aan met Bante. De opper Bante ook wel Borro Bante genaamd wordt dus door een
ieder met deze naam aangesproken. Toevalligerwijs is hij in Rangamati, thee
enkele snacks en een luchtig gesprek, met een vriendelijk en zeer duidelijk
sprekende monnik.
De volgende dag gaan we naar Monaghur Childrens Home. Deze school opgezet
door de monniken ik het thuis voor ongeveer 900 kinderen. De kinderen van de
Hill Tracts kunnen hier gratis onderwijs en onderkomen genieten. Velen
kinderen zijn hier geholpen met het begin van hun carrière. Later als ze
geld verdienen geven ze vaak donaties, die afhankelijk van hun verworven
status en inkomen erg hoog kunnen zijn, aan Monaghur zodat andere kinderen
ook deze mogelijkheden hebben.
De school vanwege het winterverlof zo goed als leeg straalt een rustiek
vredig karakter. Naast de dames die de traditionele kleden weven en de
administratieve handelingen voor de nieuw te starten lichting is de school
zo goed als leeg.

Kaptai meer, varen staat er op het programma.
Nadat de nodige formaliteiten zijn geregeld. De boot is gehuurd en het halve
politiekorps in de boot heeft plaats genomen staat niks ons aangenaam
verpozen op het meer in de weg. Kaptai meer is immens groot, gestaag
pruttelt de motor en de boot voort. Pede Ting Ting zoals het restaurant heet
is onze volgende stop. Wij gebruiken de lunch in een rustgevende
enigszins exotische omgeving.

Mark op het allerlaatste moment toegevoegd aan ons reisgezelschap, Buddy,
Rosie en wij drieën hebben een aangename tijd.
Wordt vervolgd.
|