Naar inhoudsopgave Home

14-januari-‘06

 

De schoenen, kuiten en voeten moeten er langzamerhand aangeloven. Elke stap gaat trager. Elke stap wordt kleiner. Bij elke stap wordt ook de afstand kleiner. Hoe ver zal het nog zijn?: denk ik en geef in een reflex het antwoord; nog minimaal een half uur.

Het voelt fris aan, de handen stralen kou sensatie. Een korte inspectie signaleert minuscuul kleine waterdruppels op de handen onderarmen en trui.

De maan tracht zijn stralen door de mistige omgeving te sturen, het lukt slechts gedeeltelijk. De oranje straatverlichting penetreert, penetreert doch slaagt nauwelijks. De weg is lang. Veel langer dan ik dacht. Nog minimaal een half uur: denk ik!

 

10-januari verschijnt de mail. Hoe is het mogelijk, denk ik. Aankomst 3.25 uur plaatselijke tijd. Slechter kan het bijna niet. Te laat voor een taxi, te vroeg voor een taxi.

Ik overleg met Martin. Martin de chauffeur van VSO heeft altijd een oplossing in zijn super kleine adresboek. Bestel een taxi voor 3 uur kost wellicht 500 taka. Het nummer verouderd als het is geeft niet de gewenste oplossing.

Ik kan om 23.00 naar de luchthaven gaan en vervolgens de volgende 5 uren knikkebollend vechten tegen de slaap. Ik besluit de stoute schoenen aan te trekken, slechts ondersteunend door de straatverlichting en een bijna volle maan begint de tocht. Het is eigenlijk een soort van dropping waren het niet dat je de weg weet. Het eerste uur gaat voorspoedig. Ik voel iets aan mijn rechterhiel, mijn linkerkuit begint te trekken. Vrolijk neuriënd gaat de tocht verder. Er verschijnt condens op de onderarmen. Stap voor stap wordt het kouder. Stap voor stap wordt het donkerder. De treinbaan gepasseerd nog minimaal een half uur. Het immense grote en luxe hotel gepasseerd nog minimaal een half uur. Ik realiseer dat mijn actie een blaar gaat opleveren op de rechterhiel. De gedachte is sterker dan het lijf en de schoenen. Mijn kuit trekt. Ontspannen laat ik de benen bewust automatisch gaan. De blaar groeit. De militaire golfclub gepasseerd nog minimaal een half uur. De kuit afgewisseld door een pijnsensatie onder de bal van mijn linkervoet als onaangename bijzaak doet het gevoel in de rechterhiel verminderen. Het neuriën gaat over in zingen en de blaar groeit. De bideshi is een onverwachte passant voor de velen bewakers die zich, bij menig poort met behulp van in een oude pot gestookt vuur, proberen te warmen. De weg is lang veel langer dan ik dacht.

Aan de linkerzijde verschijnt de V.V.I.P. ingang van het vliegveld, minder dan een half uur denk ik.

Ik loop het inmiddels door dichte mist omgeven luchthaventerrein op. Bij het kopen van een kaartje om binnen te komen wordt mij medegedeeld dat vlucht BA 145 met aankomst tijd 3.25 is vertraagd. Hij komt vanavond aan om 19.30. Ik vraag hoe laat het is, 2.30 uur en besluit om geen 17 uren knikkebollend op de luchthaven door te brengen. Ik charter, ondanks dat mij dit ten sterkste werd afgeraden, een taxi en verdwijn met een nog altijd zeurende blaar richting Lalmatia. De 2.45 uur lange wandeling wordt terug in 20 minuten afgelegd. 300 taka en een illusie armer verdwijn ik in mijn bed. Ik denk aan Moeders en Niels…..wat kan je eerste intercontinentale vlucht een verschrikking zijn. Zitten zij op Heathrow of op Schiphol. Krijgen zij een hotel aangeboden of gewoon ontbijt, lunch en diner bonnen of zijn ze gewoon thuis? Vanavond ga ik het ongetwijfeld weten.